Borgloon

Loonse sensibiliseringscampagne: “Samen tegen zwerfvuil!”

Het Loonse stadsbestuur wil de opvallende toename van zwerfvuil een halt toeroepen en lanceerde de voorbije week een campagne met opvallende borden: “Samen tegen zwerfvuil”. Voor schepen Bellings is de maat vol: “We moeten samen een vuist maken tegen zwerfvuil. Dit mag geen gewoonte worden!”

Je kan er niet meer naast kijken. Verspreid over het Loonse landschap, langs wegen en dicht bij plantages heeft het stadsbestuur grote borden geplaatst met een oproep om geen zwerfvuil achter te laten. Sinds de Covid-periode is het aantal toeristen, wandelaars en fietsers fors toegenomen. Schepen van Woon- en Leefomgeving Jeroen Bellings (Open Vld-Stroop) wil met de campagne “Samen tegen zwerfvuil!” komaf maken met de miserie van het zwerfvuil. Bellings verduidelijkt: “Borgloon is al vele jaren én vooral in de bloesemperiode een hotspot voor wandelaars en fietsers. Door covid-19 en staycation lijkt de belangstelling voor ons typisch Haspengouwse stadje alleen maar te zijn toegenomen. Jammer genoeg lijkt dit hand in hand te gaan met een toename van zwerfvuil. Ik heb zelfs de indruk dat men dat maar normaal vindt.”

Niet zomaar laten gebeuren

Het lokaal bestuur wil dit niet zomaar blauwblauw laten. Opnieuw schepen Bellings: “Omdat het geen gewoonte mag worden willen we met een krachtig signaal komen en een vuist gemaakt tegen zwerfvuil. Via borden met een niet mis te verstane boodschap willen we alle bewoners en bezoekers oproepen om geen afval achter te laten in het landschap dat zo gekoesterd en verzorgd wordt door onze landbouwers, fruittelers en natuurwerkers.”

Tenslotte wil het Lokaal Bestuur ook de vele seizoensarbeiders, die tijdelijk deel uit maken van de Loonse gemeenschap, oproepen om mee te werken in deze strijd tegen zwerfvuil. “We brengen hen een gastvrije boodschap, maar tegelijkertijd willen we ook sensibiliseren om hun werkplek netjes achter te laten.” Bellings besluit hoopvol: “We waarderen het werk van de 50 actieve mooimakers in Borgloon. Hopelijk verlichten we hun opruimacties, en wie weet, wordt dat werk op termijn zelfs overbodig.”